Toen we ons huis op het platteland kochten, wist ik één ding heel zeker: die vrijstaande schuur op het terrein wordt mijn kantoor. En dan niet alleen een fijne werkplek voor mij, maar tegelijkertijd een ruimte om mijn opdrachtgevers te kunnen ontvangen. Met een bed, een bad en een lekker plekje om bij de houtkachel of op het terras te kunnen zitten. Kort nadat we hier kwamen wonen, is de schuur ingrijpend verbouwd. En nu vraag ik opdrachtgevers regelmatig om een paar nachtjes bij mij te komen logeren.
Die vraag leidt in een kennismakingsgesprek natuurlijk best eens tot opgetrokken wenkbrauwen en ieder geval de nodige hilariteit. Ik leg dan uit dat mijn kantoor tevens een vrijstaand gastenverblijf is, waarin ze een paar dagen kunnen verblijven als we bijvoorbeeld samen aan een boek gaan werken. Ik hecht er namelijk aan om drukbezette, succesvolle ondernemers dan een aantal dagen uit hun eigen omgeving te halen. Ik wil geen interviews houden waarin ze met een schuin oog hun computer in de gaten houden, hun telefoon blijven opnemen of vragen van binnenlopende medewerkers moeten beantwoorden. Ik eis volledige aandacht en focus op wat we samen aan het doen zijn. En ik weet inmiddels dat het echt werkt om daarvoor de rust en ruimte op te zoeken.
Dus eens in de zoveel tijd komen de mooiste auto’s aanrijden over het onverharde pad richting ons huis. Onwennig stappen mensen uit: even de stropdas losmaken, de benen strekken en je oriënteren. “Hoe heb je dit in vredesnaam gevonden?”, is de vraag die vaak als eerste wordt gesteld. Wat ze eigenlijk bedoelen, is natuurlijk: “Hoe ben IK hier nu weer terechtgekomen?” Maar al snel ontdooien mensen. We lopen even het weiland in. Staren in de zwemvijver. Met een beetje geluk drinken we een kopje koffie in de zon. En dan begint zichtbaar de ontspanning. Het colbert gaat uit. De laptop blijft in de tas. En de gesprekken gaan meteen de diepte in.
Met een beetje geluk drinken we een kopje koffie in de zon.
Als ik de volgende ochtend uit het keukenraam kijk, zie ik mijn gasten vaak al door het weiland wandelen of op het terras zitten. “Goed geslapen?”, informeer ik bij het ontbijt. “Héérlijk”, is meestal het antwoord. “Wat is het hier stíl…”. De gesprekken blijven stromen en er is ruimte voor emoties. Ik ben ervan overtuigd dat dit nooit zou gebeuren als ik mijn interviews in een lelijk restaurant langs de snelweg zou inplannen of op het kantoor waar alles maar blijft doorgaan.
En zo gaat het vaker met mensen die ons komen opzoeken. De dame die in de buurt was aangereden en aangedaan plaatsnam op het terras, knapte zienderogen op: weg van de drukte van dat nare kruispunt, politieauto’s en ander gedoe. Vriendinnen met drukke banen komen gehaast aanscheuren, nét op tijd voor onze afspraak. Om dan na een eerste glaasje wijn of een kop thee een diepe zucht te slaken: hè hè… Soms mag je op de gekste plekjes even uitstappen om op adem te komen en je verhaal te doen. Het blijft bijzonder dat ik op zo’n plek mag wonen en werken. Ik ben ervan overtuigd: de mooiste gesprekken hebben rust en ruimte nodig.
Deze column is eerder verschenen in Landidee (mei 2026, nummer 5), een uitgave van Vipmedia.


